Door klimaat- en socio-economische veranderingen zal de druk op de zoetwater beschikbaarheid voor de landbouw in de toekomst toenemen. Er moet rekening gehouden worden met grotere onregelmatigheden van waterbeschikbaarheid en verhoogde zoute kweldruk in grote gedeeltes van Nederland. Dit brengt ook voor de land- en tuinbouwsector grote uitdagingen met zich mee.

Als agrarische ondernemers afhankelijk zijn van externe aanvoer leidt dit mogelijk in de toekomst tot grotere risico’s voor hun bedrijfsvoering omdat deze aanvoer misschien niet altijd gerealiseerd kan worden. Dit noodzaakt tot nadenken over alternatieve voorzieningen die de zoetwater beschikbaarheid beter waarborgen.

Nederland behoudt - ondanks de grotere kans op droge periodes – nog steeds op jaarbasis een neerslagoverschot. In principe is er dus voldoende water. Echter, het water wat eerder in natte periode van het jaar is gevallen is vaak niet meer beschikbaar ten tijde van droogte.

Door zoet (regen)water tijdelijk op te slaan in de ondergrond kan het water lokaal beschikbaar blijven voor het overbruggen van droge periodes. De bodem wordt hierbij gebruikt als buffer.
Het opslaan van zoetwater in de ondergrond beschermt bovendien ook tegen zoute kwel. Door inklinking, droogte en zeespiegelstijging kan zout grondwater omhoog komen tot in de wortelzone. Dit leidt tot (significante) schade aan gewassen en bij hoge concentraties zelfs tot het ongeschikt maken van de ondergrond voor landbouw. Dit kan vergaande gevolgen hebben voor de bedrijfsvoering en gewaskeuze.
Wanneer de huidige (dunne) zoetwaterlenzen worden vergroot door extra zoet water te infiltreren zal dit het zoute grondwater naar beneden drukken en blijven akkers, ook in droge perioden, beschikbaar voor landbouw.

Door dit soort maatregelen, die goed toepasbaar zijn op lokaal schaalniveau, wordt de zoetwater beschikbaarheid vergroot en de afhankelijkheid van aanvoer vanuit het hoofdwatersysteem verkleind. Daarmee wordt de bedrijfszekerheid van agrarische ondernemers vergroot, en draagt het bij aan het vergroten van de regionale zelfredzaamheid.

Lees meer: