In Nederland hebben we te maken met een situatie waarin we in het najaar en de winter veel water naar zee afvoeren, terwijl we in de zomer en het voorjaar op veel plekken vaak een watertekort hebben, waarvoor we maatregelen moeten treffen om toch over voldoende water te kunnen beschikken. Als we niets doen, wordt deze situatie door de klimaatverandering alleen maar extremer. Daarom wordt steeds meer gekeken of in hoeverre we watertekorten en wateroverschotten met elkaar kunnen verbinden, ofwel een vorm van 'actief voorraadbeheer' te voeren.

Een mogelijke oplossing hiervoor is de toepassing van ondergrondse opslag van water in de stad en ommeland. Echter, de stedelijke ondergrond is door verdergaande verharding en verdichting steeds meer uitgesloten van de stedelijke waterkringloop. Lees verder op de themapagina.

Er lijken kansen te liggen om de ondergrond in de stad beter te benutten, voor:

  • piekafvlakking en alternatief vormen voor oppervlaktewaterberging
  • peilbeheer in de stad als een bron voor zoetwater en het beperken van grondwaterstanddalingen
  • zoetwatervoorziening en nuttige toepassingen/gebruik in het ommeland
       

Deltares, KWR en STOWA zijn hiervoor een verkenning gestart. Op het gebied van stedelijk water werken STOWA en Stichting RIONED samen aan onderzoek van theorie en praktijktoepassingen, kennisverspreiding en uitwisseling van (praktijk)ervaringen door waterbeheerders. Deze verkenning wordt nu uitgevoerd in opdracht van STOWA, mede namens Stichting Waterbuffer en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Doel is te verduidelijken of berging en terugwinníng van zoetwater in de ondergrond (Aquifer Storage and Recovery; ASR) potentie heeft als maatregel tegen wateroverlast en watertekort in de stad (zie afbeelding) . De verkenning moet antwoord geven op de volgende vragen:

      1. In hoeverre en hoe kan ASR bijdragen aan het voorkomen van wateroverlast?
      2. In hoeverre en hoe kan ASR bijdragen aan de watervoorziening van de stad en ommeland?
      3. In welke vorm heeft ASR in de stad potentie, en welke kosten zijn daarmee gemoeid?
          

Het onderzoek richt zich daarbij op de toepassingsmogelijkheden van voorraadbeheer in de diepere ondergrond (berging in freatische pakket blijft buiten beschouwing) en toepassingen in het deel van Laag Nederland waar brak/zout grondwater voorkomt. Het onderzoek wordt ook gekeken naar mogelijke interferentie of synergie met andere ondergrondse functies, zoals WKO-systemen, grondwateronttrekkingen, bodemverontreinigingen en funderingen.

Indien de uitkomsten van het onderzoek positief zijn, wordt beoogd om in een vervolg één of meerdere pilots te definiëren en deze als voorbeeldprojecten in de praktijk te brengen.

De presentatie van de onderzoeksresultaten wordt rond oktober 2014 verwacht.